Contact | Disclaimer    
1. Inleiding

Nederland kent het zogenaamde “duaal ontslagstelsel”: een werkgever die de arbeidsovereenkomst tegen de wil van een werknemer wil beëindigen, kan kiezen tussen de ontbindingsprocedure bij de kantonrechter en de bestuurlijke preventieve ontslagtoets via de CWI. In deze bijdrage staat het verloop van de CWI procedure centraal.

2. Toestemming

Een werkgever die een werknemer wil ontslaan, dient hiertoe volgens het BBA (Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen) voorafgaande toestemming (een ontslagvergunning) aan te vragen bij de CWI (Centrale Organisatie Werk en Inkomen), maar die toestemming is niet in alle gevallen vereist. Voor sommige arbeidsverhoudingen is het BBA uitgezonderd, zoals de arbeidsverhouding van werknemers bij een publiekrechtelijk lichaam, onderwijzend personeel en personen die een geestelijk ambt bekleden. Voor de beëindiging van de arbeidsverhouding met freelancers en stagiairs (personen die dus niet werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst) kan weer wel voorafgaande toestemming van de CWI nodig zijn. Laat bij twijfel in een voorkomend geval dus altijd even checken of een ontslagvergunning is vereist.

3. Gronden voor ontslag

De werkgever kan een ontslagvergunning aanvragen in geval van bedrijfseconomische redenen (bijvoorbeeld slechte financiële situatie, structurele werkvermindering, beëindiging bedrijfsactiviteiten, technologische veranderingen, bedrijfsorganisatorische redenen) en persoonlijke omstandigheden (bijvoorbeeld disfunctioneren, langdurige arbeidsongeschiktheid, verwijtbaar handelen of een verstoorde arbeidsverhouding).

4. Aanvraag

De procedure bij de CWI verloopt in principe schriftelijk. Weliswaar is het in theorie mogelijk dat partijen op verzoek mondeling gehoord worden, maar dat gebeurt in de praktijk vrij weinig. De behandeling van de aanvraag duurt normaliter gemiddeld zes tot acht weken. Is de aanvraag echter gebaseerd op langdurige (langer dan twee jaar) arbeidsongeschiktheid van de werknemer, dan is de doorlooptijd meestal langer omdat dan vaak medisch advies bij het UWV moet worden ingewonnen.

De werkgever dient de gemotiveerde ontslagaanvraag schriftelijk in bij de bevoegde CWI, afdeling Juridische Zaken. Bevoegd is de CWI binnen het werkgebied waar de werknemer normaliter zijn werkzaamheden verricht.

Een ontslagaanvraag valt onder de reikwijdte van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Op grond van de Awb dient de aanvraag schriftelijk, onder vermelding van de naam en adresgegevens van de aanvrager, ondertekend en gedateerd te worden ingediend. Vanzelfsprekend dient de aanvraag alle gegevens en bescheiden te bevatten die nodig zijn om de ontslagaanvraag te kunnen beoordelen. Pas als de aanvraag volledig is, wordt deze door de CWI in behandeling genomen. Het indienen van een digitale aanvraag is (nog) niet toegestaan omdat in de praktijk is gebleken dat dit onaanvaardbare risico´s oplevert door het ontbreken van verificatie- en beoordelingsmogelijkheden.

5. Verweer

De CWI stuurt een kopie van de ontslagaanvraag naar de werknemer. De werknemer heeft in eerste instantie maximaal 2 weken de tijd om op de tegen hem gerichte ontslagaanvraag te reageren. In beginsel wordt geen uitstel verleend, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden, zoals vertraging van de post als gevolg van staking/feestdagen of overlijden van naaste verwanten. Ziekte is niet zonder meer een reden voor uitstel. Een werknemer die zich geconfronteerd ziet met een ontslagaanvraag doet er dus verstandig aan deze tijdig voor te leggen aan een jurist.

Zonodig worden werkgever en werknemer in een tweede ronde nog een keer in de gelegenheid gesteld hun standpunten nader toe te lichten. Daarna wordt het dossier voorgelegd aan de ontslagadviescommissie.

6. Advies Ontslagcommissie/Beslissing

De ontslagadviescommissie is samengesteld uit vertegenwoordigers van werkgevers- en werknemersorganisaties. Deze commissie adviseert over het al dan niet verlenen van de ontslagvergunning, waarna de CWI de beslissing (“ontslagbeschikking”) neemt. Tegen deze beslissing staat geen bezwaar of hoger beroep open. Wel is het mogelijk om een klacht in te dienen over de afhandeling van de procedure bij de Nationale Ombudsman.
Indien er toestemming wordt verleend voor de opzegging van de arbeidsovereenkomst, is deze toestemming 8 weken geldig.

Is de ontslagbeschikking gebaseerd op bedrijfseconomische omstandigheden dan kan de CWI aan de toestemming tot opzegging van de arbeidsverhouding de zogenaamde “wederindiensttredingsvoorwaarde” verbinden. Alsdan geldt dat de werkgever binnen 26 weken na gebruikmaking van die toestemming geen werknemer in dienst mag nemen die vergelijkbare werkzaamheden verricht als die van de ontslagen werknemer. Doet de werkgever dat toch, dan kan de ontslagen werknemer een beroep doen op de vernietigbaarheid van het ontslag. Het ontslag wordt dan geacht niet te hebben plaatsgevonden en de werknemer kan achterstallig loon vorderen.

7. Meer informatie nodig?

Hoewel het voor een procedure bij de CWI niet nodig is dat een werkgever of werknemer zich laat vertegenwoordigen door een jurist of advocaat, is dat in het algemeen wel raadzaam. Zeker indien het een ontslag op bedrijfs-economische gronden betreft, is het verstandig een ter zake deskundige te raadplegen. De arbeidsrechtadvocaten van Pellicaan Advocaten staan u in een voorkomens geval graag bij.
Ontslag op staande voet
Hoe toetst de rechter een ontslag op staande voet?
Ontbindingsprocedure
Arbeidsovereenkomst
CWI Procedure
Ontslagvergunning
Kennelijk onredelijk ontslag
Welke vergoeding?
Ontslag op staande voet wegens diefstal
Is ontslag bij diefstal en verduistering altijd gerechtvaardigd?